Nevenfunctie
Een nevenfunctie of bijberoep is een betaalde activiteit die iemand naast zijn of haar hoofdberoep uitoefent.
Een nevenfunctie vraagt doorgaans een tijdsbesteding van enkele dagen per jaar tot een dag per week. Typische nevenfuncties zijn het lidmaatschap van een Raad van Commissarissen en bestuursfuncties in verenigingen of stichtingen. Ook sommige politieke functies, zoals het lidmaatschap van een gemeenteraad, Provinciale Staten of de Eerste Kamer, worden meestal als nevenfunctie uitgeoefend. Meestal bekleedt iemand een nevenfunctie wegens zijn of haar capaciteiten of netwerk. Bij bedrijven en bedrijfsmatig werkende organisaties wordt een nevenfunctie doorgaans goed verloond. Degenen die een nevenfunctie uitoefenen willen daarmee echter meestal hun maatschappelijke betrokkenheid tonen of hun netwerk uitbreiden.
Een typisch bijberoep is in de horeca, cultuur, tuinaanneming of dienstverlening. Meestal is een bestuursfunctie in een vereniging onbezoldigd, en wordt dus niet beschouwd als een bijberoep. Vrijwilligerswerk wordt niet beschouwd als een bijberoep.
Nationale regelgeving
[bewerken | brontekst bewerken]Nevenfuncties roepen het gevaar op van belangenverstrengeling of van verwaarlozing van het hoofdberoep. Om de eerste reden zijn in Nederland nevenfuncties voor ministers verboden en moeten leden van de Tweede Kamer nevenfuncties registreren. Om de tweede reden beperkt de Code-Tabaksblat het aantal ambten dat iemand mag bekleden.
In België zijn politiekers verplicht om hun politieke- en bestuursmandaten te registreren. In België bestaat er een officieel statuut van flexi-job voor iemand die ten minste een 4/5-baan heeft; dit statuut heeft bepaalde fiscale voordelen.