Als beheerder kunt u bepalen welke apps gebruikers met Android- en iOS-apparaten kunnen zoeken en installeren voor hun werk of school door ze toe te voegen aan de lijst Web- en mobiele apps in de Google Beheerdersconsole. U kunt openbare apps toevoegen (zoals apps van derden voor beveiliging, bedrijfsbeheer en documentbeheer) en privé-apps. Hoewel u een betaalde openbare app kunt toevoegen aan de lijst, kunt u de app niet voor meerdere gebruikers tegelijk kopen via Google-eindpuntbeheer.
Op deze pagina
- Hoe de lijst met apps werkt
- Een app op de lijst zetten
- App-instellingen instellen
- De lijst met apps beheren
- Apps op beheerde apparaten controleren
- Reageren op beveiligingsincidenten met apps
Voordat u begint: Ontdek hoe de lijst met apps werkt
Vereisten
Voor deze functies is geavanceerd mobiel beheer vereist, tenzij anders vermeld.
- Android-apps beheerd maken*
- iOS-apps beheerd maken†
- Android-apps afgedwongen installeren‡#
- Gebruikers niet toestaan onbeheerde Android-apps te installeren
- Voorkomen dat gebruikers een Android-app kunnen verwijderen
- Widgets naar Android-app-snelkoppelingen toestaan
- Een Android-app instellen als VPN-service
- App-instellingen instellen per groep of onderliggende organisatie-eenheid#
*Wordt ook ondersteund voor mobiel beheer op basisniveau
†Alle iPhone- en iPad-gebruikers in uw organisatie moeten de Google Device Policy-app installeren als u iOS-apps beheert.
‡ Wordt ook ondersteund in mobiel beheer op basisniveau met Business Plus, Enterprise, G Suite Business en Cloud Identity Premium Opmerking: U kunt geen apps distribueren naar de persoonlijke apparaten van gebruikers als de gebruiker het apparaat heeft ingeschreven als eigendom van de gebruiker en geen werkprofiel heeft gemaakt. Deze instelmodus (modus Apparaatbeheerder) is alleen beschikbaar op Android 9.0 en lager en is beëindigd.
#Niet beschikbaar voor Education Fundamentals
Hoe beheerde Android-apps werken
Beheerdersfuncties
Als u een app op de lijst zet, wordt de app automatisch beheerd. Als een gebruiker een beheerde app installeert, heeft u meer controle over de app:
- U kunt bepaalde instellingen voor beheerde apps beheren, bijvoorbeeld of de app automatisch wordt geïnstalleerd op apparaten en of gebruikers de app kunnen verwijderen.
- Beheerde apps worden automatisch verwijderd van een apparaat als gebruikers hun werk- of schoolaccount verwijderen.
- Als een gebruiker uw organisatie verlaat of als een apparaat wordt verloren of gestolen, kunt u alleen het werkaccount en de beheerde apps van de gebruiker verwijderen, en niet het hele apparaat wissen. Meer informatie
- Als u geavanceerd mobiel beheer gebruikt, kunt u instellen dat gebruikers alleen beheerde apps kunnen gebruiken met hun werk- of schoolaccount.
Sommige mobiele Google-apps staan al op de lijst, zoals Gmail en Google Drive.
Gebruikerservaring
Gebruikers downloaden apps via het tabblad Werk-apps in de Managed Google Play Store. Ga naar Google Play gebruiken in uw organisatie om beheerde apps te downloaden voor meer informatie.
Op het apparaat staat bij beheerde apps een koffertje . Zo zijn ze makkelijk te onderscheiden van persoonlijke apps.
Als apparaten dit ondersteunen en u geavanceerd mobiel beheer gebruikt, raden we u aan gebruikers te vragen een werkprofiel in te stellen om werk-apps en persoonlijke apps gescheiden te houden.
Hoe beheerde iOS-apps werken
Beheerdersfuncties
Als u een openbare iOS-app toevoegt aan de lijst met apps en het vakje aanvinkt voor Hiervan een beheerde app maken, zet u app-beheer aan en heeft u meer controle over de app. Privé-iOS-apps worden automatisch ingesteld op beheerd. Houd rekening met het volgende voor openbare iOS-app-updates:
- Controle door de beheerder: Voor openbare iOS-apps kunnen beheerders automatische app-updates niet beheren. Er kan een vertraging zijn tussen het moment waarop een nieuwe app-versie wordt vrijgegeven in de App Store en het moment waarop deze beschikbaar komt voor beheerde distributie.
- Controle door gebruikers: Gebruikers bepalen wanneer apps een update krijgen voor openbare apps vanuit de Google Device Policy-app.
- Gedrag van de knop Updaten: De knop Updaten in de Google Device Policy-app is gebaseerd op informatie van de MDM-service van Apple, die misschien niet altijd up-to-date is. Dit betekent dat de knop Updaten nog een dag of langer kan worden getoond nadat een app een update heeft gekregen, omdat het apparaat een verouderde updatestatus in het cachegeheugen heeft opgeslagen.
Voor beheerde apps:
- Als een gebruiker uw organisatie verlaat of als een apparaat wordt verloren of gestolen, kunt u alleen het werkaccount en de beheerde apps van de gebruiker verwijderen, en niet het hele apparaat wissen. Meer informatie
- U kunt de apps op het apparaat beheren totdat de gebruiker het configuratieprofiel voor beheer voor het mobiele apparaat van Google verwijdert. U kunt instellen dat beheerde iOS-apps automatisch worden verwijderd van een apparaat als de gebruiker het instellingenprofiel verwijdert.
Als u Hiervan een beheerde app maken niet aanvinkt wanneer u een openbare app toevoegt, staat app-beheer uit. Gebruikers kunnen de app installeren vanuit de App Store en u heeft er geen controle over. U kunt de app alleen beheren als gebruikers deze downloaden via de Google Device Policy-app.
Opmerking: Als u een openbare app verwijdert van de lijst met apps, kan de app automatisch worden verwijderd van de apparaten van gebruikers of kunnen gebruikers deze nog steeds gebruiken. Dit hangt af van wanneer de gebruiker de app heeft geïnstalleerd:
- Geïnstalleerd vóór 30 november 2020: de app wordt verwijderd van het apparaat als u de app van de lijst verwijdert.
- Geïnstalleerd op of na 30 november 2020: de app blijft op het apparaat staan en de gebruiker kan deze blijven gebruiken.
Als u wilt weten wanneer een app op een apparaat is geïnstalleerd, gaat u naar Gebeurtenissen in het apparaatlogboek en filtert u op Naam gebeurtenis Wijziging aan apparaat-app
Installatie.
Gebruikerservaring
Als u app-beheer aanzet en de app op het apparaat wordt geïnstalleerd, moeten gebruikers app-beheer accepteren. Als een gebruiker de app installeert via de Apple App Store, wordt de app niet beheerd. Gebruikers kunnen een onbeheerde app nog steeds openen. Gebruikers moeten de app installeren als beheerd via de Device Policy-app in plaats van via de App Store om te voorkomen dat hun workflow wordt onderbroken.
Gebruikers kunnen in de Device Policy-app controleren welke apps worden beheerd:
- Groen vinkje: Beheerd.
- Grijs vinkje: Niet beheerd.
- Rood uitroepteken: De gebruiker moet een actie uitvoeren voor de app-beheerstatus om een van de volgende redenen:
- App-beheer staat aan, maar de gebruiker heeft app-beheer nog niet geaccepteerd.
- De gebruiker heeft de app geïnstalleerd voordat u app-beheer heeft aangezet.
- U heeft app-beheer uitgezet nadat de gebruiker app-beheer heeft geaccepteerd. De gebruiker moet de app updaten naar onbeheerd. Als de gebruiker dat niet doet, kan deze de app nog steeds gebruiken om toegang te krijgen tot Workspace-gegevens en wordt de app behandeld als beheerde app.
Alleen voor apparaten die zijn ingeschreven voor apparaatinschrijving: Als u app-beheer aanzet en een gebruiker de app installeert via de App Store, verliest de gebruiker de Workspace-toegang tot alle ingebouwde iOS-apps op het apparaat:
- Als de beheerder app-beheer in de afgelopen 24 uur heeft aangezet en de app is geïnstalleerd nadat het apparaat is ingeschreven, verliest de gebruiker de toegang binnen 24 uur.
- Als de beheerder app-beheer meer dan 24 uur geleden heeft aangezet of als de app is geïnstalleerd voordat het apparaat is ingeschreven, verliest de gebruiker de toegang meteen.
Gebruikers wordt in de Device Policy-app gevraagd om hun organisatie toestemming te geven de app te beheren. Als een gebruiker deze prompt accepteert, wordt de app beheerd en wordt de Workspace-toegang hersteld na een geslaagde synchronisatie. Ga naar Zakelijke en persoonlijke gegevens gescheiden houden op iOS-apparaten voor meer informatie over opties voor apparaatinschrijving.
Bepalen wie beheerde apps kan installeren (alleen geavanceerd mobiel beheer)
U kunt bepalen welke gebruikers in uw organisatie een beheerde app kunnen zoeken en installeren door gebruikerstoegang aan of uit te zetten. Als dit wordt ondersteund in uw versie, kunt u gebruikerstoegang aan- of uitzetten voor specifieke organisatie-eenheden of aanzetten voor specifieke groepen.
Gebruikerstoegang aanzetten
Voor de meeste app-typen zet u gebruikerstoegang aan tijdens het instellen. Als u een privé-iOS-app op de lijst zet, wordt gebruikerstoegang uitgezet voor iedereen in uw organisatie. U moet de toegang aanzetten voordat gebruikers de app kunnen installeren.
Gebruikerstoegang uitzetten
Als u wilt dat een Android-app of openbare iOS-app onbeheerd blijft maar de beheerde instellingen bewaard blijven, kunt u gebruikerstoegang uitzetten voor een organisatie-eenheid. Gebruikers kunnen de app dan niet installeren via de Managed Google Play Store of de Google Device Policy-app voor iOS. Dit zijn enkele redenen om de gebruikerstoegang uit te zetten:
- Als u wilt dat de app wordt beheerd voor het grootste deel van uw organisatie of voor bepaalde groepen, maar niet voor bepaalde onderliggende organisatie-eenheden (als dit wordt ondersteund in uw versie)
- Als u een beheerde instelling wilt toepassen op een Android-app voordat u deze beschikbaar maakt als beheerde app
Als u gebruikerstoegang uitzet, is dit niet van invloed op gebruikers die de app al hebben geïnstalleerd. Ze kunnen de app nog steeds gebruiken en uw app-instellingen blijven afgedwongen.
Opmerking: Groepsinstellingen worden toegepast op het niveau van de organisatie op het hoogste niveau en overschrijven de instellingen van de organisatie-eenheid. Als een gebruiker bij meerdere groepen met conflicterende configuraties hoort, worden de instellingen toegepast op volgorde van groepsprioriteit. Je kunt deze instellen nadat je de app hebt toegevoegd.
Installatie van onbeheerde apps blokkeren (alleen geavanceerd mobiel beheer)
U kunt instellingen voor Google-eindpuntbeheer gebruiken om de toegang tot alle onbeheerde apps te blokkeren. Voor mobiele apparaten die eigendom zijn van het bedrijf kunt u ook veel systeem-apps uitzetten. U kunt daarnaast de app-toegang tot Google-services blokkeren of beperken.
Onbeheerde Android-apps blokkeren
U kunt de instelling Beschikbare apps instellen zodat gebruikers alleen de apps kunnen installeren die u op de lijst Web- en mobiele apps zet. Gebruikers kunnen dan geen apps installeren die niet zijn toegestaan, maar apps die al op hun apparaat staan worden niet verwijderd. Meer informatie
Onbeheerde iOS-apps blokkeren
Alleen apparaten met toezicht die eigendom zijn van het bedrijf
U kunt de instelling App-installatie instellen om te voorkomen dat gebruikers apps installeren uit de App Store. Gebruikers kunnen dan alleen apps downloaden en installeren via de Google Device Policy-app. Apps die via de Google Device Policy-app worden gedownload zijn automatisch ingesteld als beheerd. Apps die al op het apparaat staan worden niet verwijderd. Meer informatie
Systeem-apps uitzetten
Alleen apparaten die eigendom zijn van het bedrijf
U kunt veel systeem-apps aan- of uitzetten. Ga naar Systeem-apps beheren op mobiele apparaten die eigendom zijn van het bedrijf voor meer informatie.
App-toegang tot Google-services blokkeren of beperken
Toegang van beheerde apps blokkeren of beperken
Mobiele apps die op de lijst Web- en mobiele apps worden gezet krijgen automatisch vertrouwde toegang. Ze hebben dan toegang tot alle Google-services, inclusief services die zijn ingesteld op beperkt.
Als u een app wilt beheren, maar deze geen toegang wilt geven tot beperkte Google-services, blokkeert of beperkt u de toegang.
Toegang tot onbeheerde apps blokkeren of beperken
Gebruikers kunnen apps die niet op de app-lijst staan toegang geven tot gegevens in onbeperkte Google-services.
U kunt op 2 manieren voorkomen dat onbeheerde apps toegang hebben tot Google-services:
- U kunt individuele apps blokkeren of de toegang van deze apps beperken.
- Als u een Google-service wilt verbergen voor apps die u niet expliciet vertrouwt (door ze op de lijst Web- en mobiele apps te zetten), stelt u de service in op beperkt.
Opmerking: Als u gebruikers met iOS-apparaten wilt toestaan om werkgegevens te synchroniseren met Apple-apps (zoals Apple Mail en Agenda) en eventuele Google-services die zijn vereist voor de iOS-apps zijn ingesteld op beperkte toegang, moet u iOS-apps expliciet vertrouwen.
Gebruikerstoegang tot Google-apps beheren
Met de lijst Web- en mobiele apps kunt u bepalen welke apps gebruikers kunnen installeren en gebruiken met hun werk- of schoolaccount. U kunt contextbewuste toegangsniveaus gebruiken om de toegang tot Google-apps te blokkeren voor apparaten, gebaseerd op OS-versie, beveiligingsstatus, IP-adres, geografische locatie of apparaateigendom. Meer informatie
Een app instellen als VPN-service voor al het verkeer van werk-apps op Android-apparaten
Als u een app wilt instellen als de VPN-service voor app-verkeer via een werkprofiel of beheerd apparaat, zet u Gebruiken als Always On VPN aan wanneer u de app op de lijst zet. Deze instelling zorgt voor een veiligere netwerkverbinding voor werkprofielverkeer, omdat al het verkeer via de app moet worden gestuurd en niet op het internet terecht kan komen.
Belangrijk: Zet Gebruiken als Always-on VPN aan voor slechts één app. Als u deze functie aanzet voor meerdere apps, wordt willekeurig een van de apps gekozen als Always On VPN.
Android 7.0 of hoger vereist
Stap 1: Voeg een app toe aan de lijst
Een app van derden toevoegen
-
Ga in de Google Beheerdersconsole naar Menu
Apps
Web- en mobiele apps.
Hiervoor is het beheerdersrecht Beheer van mobiele apparaten vereist.
-
Klik op App toevoegen
Apps zoeken.
- Klik op App-naam invoeren en voer een deel van of de hele naam in van de app die u wilt toevoegen. Voor iOS-apps kunt u de URL van apps.apple.com invullen, zoals https://apps.apple.com/us/app/gmail-email-by-google/id422689480 voor de Gmail-app for iOS. Het zoeken begint terwijl u de naam invoert.
- Als er veel resultaten worden gevonden, voert u meer informatie in het zoekvak in, zoals de app-ontwikkelaar of een zoekwoord uit de beschrijving.
- Als een app al op de lijst staat, heeft deze het label Geïnstalleerd. U kunt op App-details bekijken klikken om de instellingen van de app en de gebruikerstoegang te controleren.
- Klik op Bekijken in Google Play voor meer informatie over een Android-app.
- Klik op Bekijken in de App Store voor meer informatie over een iOS-app.
- Als u de app heeft gevonden die u wilt toevoegen, plaatst u de muisaanwijzer op de app en klikt u op Selecteren.
- Selecteer welke gebruikers de beheerde app kunnen installeren via de Managed Google Play Store of de Google Device Policy-app voor iOS.
- Als u wilt dat alle gebruikers in uw organisatie de app kunnen installeren, selecteert u Hele organisatie.
- Als u wilt dat alleen bepaalde gebruikers de app kunnen installeren, klikt u op Groepen selecteren of Organisatie-eenheden selecteren. U kunt zowel groepen als organisatie-eenheden toevoegen.
Deze functie wordt ondersteund in de volgende versies: Frontline Starter, Frontline Standard, Frontline Plus, Business Plus, Enterprise Standard, Enterprise Plus, Education Standard, Education Plus, Endpoint Education Upgrade, Enterprise Essentials, Enterprise Essentials Plus, G Suite Basic, G Suite Business en Cloud Identity Premium. Versies vergelijken
Groepsinstellingen worden toegepast op het niveau van de organisatie op het hoogste niveau en overschrijven instellingen voor organisatie-eenheden. Als een gebruiker bij meerdere groepen met conflicterende configuraties hoort, worden de instellingen toegepast op volgorde van groepsprioriteit. Je kunt deze instellen nadat je de app hebt toegevoegd.
- Klik op Doorgaan.
- Stel app-opties in, gebaseerd op het platform (vereist geavanceerd mobiel beheer, behalve waar anders vermeld):
Android-apparaten:
- Toegangsmethode: Kies hoe gebruikers de app kunnen downloaden.
- Beschikbaar: Laat gebruikers de app zelf installeren. Gebruikers die de app niet nodig hebben, hoeven de app niet te downloaden. Gebruik deze optie als u een beheerde configuratie wilt toepassen voordat u een app afgedwongen installeert.
- Afgedwongen installeren: De app wordt automatisch geïnstalleerd op alle beheerde apparaten zonder dat gebruikers daar invloed op hebben. U kunt ook voorkomen dat gebruikers een afgedwongen geïnstalleerde app verwijderen. Afgedwongen installeren wordt ook ondersteund in mobiel beheer op basisniveau met Business Plus, Enterprise, G Suite Business en Cloud Identity Premium.
- Gebruikers toestaan widgets op het startscherm te zetten: Hiermee staat u gebruikers toe een snelkoppeling op het startscherm te maken als er een widget beschikbaar is.
- Gebruiken als altijd aan VPN-app: Vereist dat app-verkeer van een werkprofiel of beheerd apparaat door deze app wordt gestuurd. Deze instelling zorgt voor een veiligere netwerkverbinding voor verkeer uit werkprofielen. Android 7.0 of hoger vereist.
- Wachtwoordmanager voor Android 15 of hoger: Hiermee kunnen gebruikers de app gebruiken om wachtwoorden te beheren op apparaten met Android 15 en hoger. Ga naar Apps voor wachtwoordbeheer aan- of uitzetten voor Android voor meer informatie.
- Tijdstip van automatisch updaten voor app: Kies wanneer app-updates worden geïnstalleerd:
- Standaard: De app wordt automatisch geüpdatet als het apparaat verbinding heeft met een wifi-netwerk, wordt opgeladen, niet actief wordt gebruikt en de app niet op de voorgrond wordt uitgevoerd.
- Hoge prioriteit: Update de app zodra de ontwikkelaar een nieuwe versie publiceert en Google Play deze heeft beoordeeld. Als het apparaat op dat moment offline is, wordt de app onmiddellijk geüpdatet de volgende keer dat het apparaat verbinding maakt met internet.
- Uitstellen: Niet beschikbaar voor Business Standard, Education Fundamentals, Teaching and Learning Upgrade, G Suite Basic, G Suite Business of Cloud Identity Free. Stel app-updates 90 dagen uit nadat de update voor het eerst beschikbaar is. Na 90 dagen wordt automatisch de nieuwste beschikbare versie van de app geïnstalleerd. Ga naar App-updates ondersteunen voor meer informatie.
- Testtracks (optioneel): Niet beschikbaar voor Business Standard, Education Fundamentals, Teaching and Learning Upgrade, G Suite Basic, G Suite Business of Cloud Identity Free. Selecteer de pre-release testversies van de app die u beschikbaar wilt maken voor gebruikers. Als u meerdere tracks selecteert, wordt de hoogste versiecode beschikbaar. Ga naar Gesloten test: testers beheren per organisatie voor meer informatie over hoe u een app beschikbaar maakt voor organisaties.
iOS-apparaten:
- Hiervan een beheerde app maken: Zet deze instelling aan voor meer controle over de app en de gegevens daarin. Ga naar Hoe beheerde iOS-apps werken voor meer informatie.
- Deze app verwijderen als het configuratieprofiel wordt verwijderd: Zet deze instelling aan voor beheerde apps om de app automatisch te verwijderen als het beheerprofiel van de gebruiker wordt verwijderd van het apparaat. Als u deze instelling niet aanzet, blijven beheerde apps op het apparaat van een gebruiker staan.
Deze instelling is alleen van toepassing op apparaten onder apparaatinschrijving (waaronder apparaten die eigendom zijn van het bedrijf). Voor apparaten die worden vermeld onder Inschrijving door gebruikers worden alle beheerde apps en werkgegevens verwijderd als het configuratieprofiel wordt verwijderd. - Toestaan dat deze app werkgegevens krijgt via iOS Share Sheet: Zet deze instelling aan als u wilt dat de app werkgegevens kan krijgen, zelfs als het delen van gegevens met niet-Google Workspace-apps is beperkt. Ga naar Gegevensacties voor meer informatie.
- Toegangsmethode: Kies hoe gebruikers de app kunnen downloaden.
- Klik op Voltooien. De detailpagina van de app wordt geopend. Als u teruggaat naar de lijst Web- en mobiele apps, wordt de app vrijwel meteen weergegeven nadat u deze heeft toegevoegd.
Gebruikers kunnen Android-apps installeren via Managed Google Play of het tabblad Werk-apps in de Play Store nadat hun apparaat de volgende keer is gesynchroniseerd met Google-eindpuntbeheer. Als een gebruiker een app installeert van buiten de Managed Google Play Store of het tabblad Werk-apps, wordt die app niet beheerd.
Het kan een uur duren voordat iOS-apps worden weergegeven in de Google Device Policy-app op de apparaten van gebruikers. Als u instelt dat een app wordt beheerd, moet de gebruiker deze installeren via de Google Device Policy-app. Als de gebruiker de app installeert via de iOS App Store, moet deze de Google Device Policy-app openen en het beheer van de app accepteren.
- Als u Microsoft Outlook voor Android of iOS heeft toegevoegd (afgeraden), moet u zorgen dat hierin dezelfde instellingen voor eindpuntbeheer worden gevolgd:
- Klik op de homepage van de Beheerdersconsole op Beveiliging
API-functies
App-toegangsbeheer
Google-services beheren.
- Zoek Gmail en Drive in de lijst met services. Als Toegang is ingesteld op Onbeperkt, wijzigt u de waarde in Beperkt. Met deze instelling voorkomt u dat niet-vertrouwde apps toegang hebben tot de services. Als u de app in de voorgaande stappen heeft toegevoegd, wordt de app automatisch vertrouwd en heeft deze toegang tot Gmail en Drive.
- Klik op de homepage van de Beheerdersconsole op Beveiliging
Een privé-Android-app toevoegen
Als u een Android-app wilt toevoegen die alleen is bedoeld voor gebruik binnen uw organisatie, publiceert u deze in Managed Google Play. De app wordt dan automatisch op de app-lijst gezet. Ga naar Privé-Android-apps in Google Play beheren voor meer informatie.
Een interne web-app voor Android toevoegen
Als u een web-app wilt toevoegen die alleen is bedoeld voor gebruik binnen uw organisatie, publiceert u deze in Managed Google Play. De app wordt dan op de app-lijst gezet. Ga naar Privé-web-apps voor Android publiceren voor meer informatie.
Een privé-iOS-app toevoegen
Als u een iOS-app wilt toevoegen die alleen is bedoeld voor gebruik binnen uw organisatie, uploadt u deze in de Beheerdersconsole. Ga naar Privé-iOS-apps beheren voor meer informatie.
Stap 2: Stel app-instellingen in
Bepalen wie een beheerde app kan installeren en de groepsprioriteit instellen
Nadat u een app op de lijst heeft gezet, kunt u de app verbergen voor gebruikers in de Managed Google Play Store (voor Android-apps) of de Google Device Policy-app voor iOS (voor iOS-apps) door de gebruikerstoegang uit te zetten. Als u gebruikerstoegang uitzet, kunnen gebruikers die de app al hebben geïnstalleerd deze blijven gebruiken en blijven uw app-instellingen gelden.
Als u gebruikerstoegang wilt aan- of uitzetten voor bepaalde gebruikers, plaatst u hun accounts in een organisatie-eenheid (om de toegang te beheren per afdeling) of een toegangsgroep (om toegang te geven aan gebruikers in een of meer afdelingen). Deze functie wordt ondersteund in de volgende versies: Frontline Starter, Frontline Standard, Frontline Plus, Business Plus, Enterprise Standard, Enterprise Plus, Education Standard, Education Plus, Endpoint Education Upgrade, Enterprise Essentials, Enterprise Essentials Plus, G Suite Basic, G Suite Business en Cloud Identity Premium. Versies vergelijken
Vereist geavanceerd mobiel beheer-
Ga in de Google Beheerdersconsole naar Menu
Apps
Web- en mobiele apps.
Hiervoor is het beheerdersrecht Beheer van mobiele apparaten vereist.
- Klik op de app waarvoor u de gebruikerstoegang wilt wijzigen. Als u de huidige instellingen voor gebruikerstoegang in alle organisatie-eenheden en groepen wilt controleren, klikt u voor Gebruikerstoegang op Details weergeven.
- Klik op Gebruikerstoegang.
- Klik links op de groep of organisatie-eenheid waarvoor u de gebruikerstoegang wilt wijzigen. Standaard is de organisatie op het hoogste niveau geselecteerd en geldt de wijziging voor uw hele organisatie.
- Zet de gebruikerstoegang aan of uit zoals vereist. Voorbeeld:
- Als u wilt dat de beheerde app wordt verborgen voor alle gebruikers terwijl u het instellen van de app voltooit, zet u gebruikerstoegang uit voor de organisatie-eenheid op het hoogste niveau.
- Als u wilt dat de beheerde app alleen beschikbaar is voor bepaalde gebruikers, zet u gebruikerstoegang uit voor de organisatie op het hoogste niveau en zet u de toegang aan voor onderliggende organisatie-eenheden of groepen.
Opmerking: Als gebruikerstoegang aanstaat voor een groep, overschrijft deze instelling de instellingen van de organisatie-eenheid waar de groepsleden bij horen. U kunt gebruikerstoegang echter niet expliciet uitzetten voor een groep. Als u het vakje voor Aan uitvinkt, nemen de gebruikers in die groep de instelling over van bovenliggende groepen of hun organisatie-eenheid.
- Als u gebruikerstoegang instelt voor meerdere groepen, controleert u de volgorde van de groepen en stelt u de prioriteit in:
- Klik op de app en klik op Gebruikerstoegang.
- Klik links op Groepen.
- Versleep de groepen zodat ze in de volgorde staan waarvan u de instellingen wilt toepassen voor gebruikers die bij meerdere groepen horen. Zet de groep met de hoogste prioriteit bovenaan.
-
Klik op Opslaan. U kunt ook op Overschrijven klikken voor een organisatie-eenheid.
Als u de overgenomen waarde later wilt herstellen, klikt u op Overnemen (of Niet ingesteld voor een groep).
Android-apps instellen met beheerde configuraties
U kunt de instellingen van sommige Android-apps opslaan als beheerde instellingen. U kunt bijvoorbeeld instellen dat een app alleen gegevens synchroniseert als het apparaat is verbonden met wifi. De standaard beheerde instelling van een app wordt ingesteld door de app-ontwikkelaar. In Managed Google Play kunt u controleren of een app beheerde instellingen ondersteunt. Meer informatie
Met beheerde instellingen kunt u apps automatisch instellen voor een groep of organisatie-eenheid, zonder dat gebruikers iets hoeven te doen. U kunt meerdere beheerde instellingen maken voor dezelfde app. Ook kunt u verschillende instellingen maken voor verschillende groepen of organisatie-eenheden.
Een beheerde configuratie maken
-
Ga in de Google Beheerdersconsole naar Menu
Apps
Web- en mobiele apps.
Hiervoor is het beheerdersrecht Beheer van mobiele apparaten vereist.
- Klik op de app die u wilt beheren.
Tip: Als u alleen de apps wilt zien die zijn toegestaan voor een specifieke organisatie-eenheid of groep, klikt u op Een filter toevoegen
en selecteert u de organisatie-eenheid of groep.
- Klik op Beheerde configuraties
Beheerde configuratie toevoegen.
Als de app geen beheerde instellingen ondersteunt, is deze optie niet beschikbaar. - Voer een naam in voor de instelling en stel uw voorkeursinstelling in.
Opmerking: De app-ontwikkelaar bepaalt welke instellingsopties u ziet. Neem contact op met de ontwikkelaar als je vragen hebt over deze instellingen. - Klik op Opslaan.
- Wijs de beheerde instelling toe aan een organisatie-eenheid of groep, zoals beschreven in het volgende gedeelte.
Een beheerde instelling toewijzen aan een organisatie-eenheid of groep
-
Ga in de Google Beheerdersconsole naar Menu
Apps
Web- en mobiele apps.
Hiervoor is het beheerdersrecht Beheer van mobiele apparaten vereist.
- Klik op de app die u wilt beheren.
- Klik op Instellingen.
- Klik links op de organisatie-eenheid of groep waaraan u een beheerde instelling wilt toewijzen.
- Klik voor Beheerde instelling op het menu en selecteer de beheerde instelling die u wilt toepassen.
- Klik op Opslaan.
Als u een beheerde instelling wilt verwijderen uit een organisatie-eenheid of groep, volgt u dezelfde stappen en selecteert u Standaard.
Een beheerde instelling bewerken of verwijderen
Voordat u een beheerde instelling kunt verwijderen, moet u deze verwijderen uit organisatie-eenheden of groepen waaraan deze is toegewezen. Als u een instelling verwijdert, geldt voor de app weer de standaardinstelling die door de ontwikkelaar is ingesteld, tenzij u een andere beheerde instelling toewijst.
-
Ga in de Google Beheerdersconsole naar Menu
Apps
Web- en mobiele apps.
Hiervoor is het beheerdersrecht Beheer van mobiele apparaten vereist.
- Klik op de app die u wilt beheren.
- Klik op Beheerde instellingen.
- Klik op de beheerde instelling die u wilt bewerken of verwijderen.
- Als u de instelling wilt bewerken, past u deze aan en klikt u op Opslaan.
- Als u de instelling wilt verwijderen, klikt u op Verwijderen.
iOS-apps instellen met beheerde configuraties
Veel ontwikkelaars van iOS-apps gebruiken Managed App Configuration (AppConfig) om apps aan te passen en beheerders toe te staan instellingen op afstand te leveren aan beheerde apparaten.
U maakt een beheerde configuratie door een configuratiewoordenboek in te voeren in de vorm van XML-gegevens die bestaan uit sleutel/waarde-paren die relevant zijn voor de app. U kunt meerdere beheerde configuraties maken voor dezelfde app en verschillende configuraties toepassen op verschillende groepen of organisatie-eenheden. In tegenstelling tot Android-apps zijn er geen standaard app-configuraties.
Voordat u begint: Een voorbeeld van een configuratiewoordenboek beoordelen
Met de tool AppConfig Generator kunt u een configuratiewoordenboek voor de app genereren, zoals in het volgende voorbeeld.
(Optioneel) Tokens gebruiken als tijdelijke aanduidingen
U kunt tokens gebruiken in uw configuratiewoordenboek. Tokens fungeren als tijdelijke aanduidingen voor specifieke informatie over elke gebruiker of elk apparaat dat de app gebruikt.
Als een beheerde app bijvoorbeeld een e-mailadres accepteert als configureerbare instelling, kunt u de token ${user_email} gebruiken in het configuratiewoordenboek. Google-eindpuntbeheer vervangt de token automatisch door het e-mailadres van elke gebruiker voordat de configuratie naar het apparaat van de gebruiker wordt gestuurd.
Google-eindpuntbeheer ondersteunt de volgende tokens, die niet hoofdlettergevoelig zijn:
| Token | Beschrijving |
|---|---|
${customer_id} |
Unieke klant-ID die is toegewezen aan het Google-account van uw organisatie. U vindt deze in de Google Beheerdersconsole via Account |
${device_resource_name} |
Unieke bronnaam voor een apparaat, zoals gevonden in de Cloud Identity Device API. Ga naar REST-resource: apparaten voor meer informatie. |
${device_serial_number} |
Deze token is niet beschikbaar voor door gebruikers ingeschreven apparaten en wordt vervangen door een lege tekenreeks. Uniek serienummer voor een apparaat. Als dit beschikbaar is, vindt u het in de Beheerdersconsole op de pagina met apparaatgegevens. Ga naar Mobiele apparaatgegevens weergeven voor meer informatie. |
${device_serial_number_last_4} |
Deze token is niet beschikbaar voor door gebruikers ingeschreven apparaten en wordt vervangen door een lege tekenreeks. Laatste 4 tekens van het serienummer van het apparaat. Gebruik deze optie als u niet het volledige serienummer aan apps wilt tonen. |
${udid} |
Deze token is niet beschikbaar voor door gebruikers ingeschreven apparaten en wordt vervangen door een lege tekenreeks. Unieke apparaat-ID op beheerde Apple-apparaten. |
${user_email} |
Het e-mailadres van de gebruiker. |
Als u een niet-ondersteunde token gebruikt in het configuratiewoordenboek, krijgt u een foutmelding. Als u tokenvervanging wilt overslaan en in plaats daarvan een letterlijke, met een token vergelijkbare tekenreeks wilt gebruiken, voegt u een $-teken toe vóór de token. Gebruik bijvoorbeeld ${user_email} of ${other} om de tokens te vervangen door de letterlijke tekenreeksen ${user_email} of ${other} als de configuratie wordt geïmplementeerd op apparaten.
Een beheerde configuratie maken
-
Ga in de Google Beheerdersconsole naar Menu
Apps
Web- en mobiele apps.
Hiervoor is het beheerdersrecht Beheer van mobiele apparaten vereist.
- Klik op de app die u wilt beheren.
Tip: Als u alleen de apps wilt zien die zijn toegestaan voor een specifieke organisatie-eenheid of groep, klikt u op Een filter toevoegen
en selecteert u de organisatie-eenheid of groep.
- Klik op Beheerde configuraties
Configuratie toevoegen.
- Geef een configuratienaam op.
- Voer het configuratiewoordenboek voor de app in (ga naar voorbeeld).
Opmerking: De app-ontwikkelaar bepaalt welke configuratieopties en waarden voor u beschikbaar zijn. Als u vragen heeft over de opties, neemt u contact op met de ontwikkelaar. Google-eindpuntbeheer valideert de XML-indeling in het configuratiewoordenboek, maar controleert niet of de indeling werkt met de app. - Klik op Opslaan.
- Wijs de beheerde instelling toe aan een organisatie-eenheid of groep, zoals beschreven in het volgende gedeelte.
Een beheerde instelling toewijzen aan een organisatie-eenheid of groep
-
Ga in de Google Beheerdersconsole naar Menu
Apps
Web- en mobiele apps.
Hiervoor is het beheerdersrecht Beheer van mobiele apparaten vereist.
- Klik op de app die u wilt beheren.
- Klik op Beheerde instellingen.
- Klik op de beheerde instelling die u wilt bewerken of verwijderen.
- Als u de instellingen wilt bewerken, brengt u uw wijzigingen aan en klikt u op Opslaan.
- Als u de instelling wilt verwijderen, klikt u op Verwijderen.
Als u een beheerde configuratie wilt verwijderen uit een organisatie-eenheid of groep, volgt u dezelfde stappen en selecteert u Configuratie selecteren in de lijst Configuratie van beheerde apps.
Een beheerde instelling bewerken of verwijderen
Voordat u een beheerde instelling kunt verwijderen, moet u deze verwijderen uit organisatie-eenheden of groepen waaraan deze is toegewezen. Als u een instelling verwijdert, geldt voor de app weer de standaardinstelling die door de ontwikkelaar is ingesteld, tenzij u een andere beheerde instelling toewijst.
-
Ga in de Google Beheerdersconsole naar Menu
Apps
Web- en mobiele apps.
Hiervoor is het beheerdersrecht Beheer van mobiele apparaten vereist.
- Klik op de app die u wilt beheren.
- Klik op Beheerde instellingen.
- Als u een beheerde configuratie wilt verwijderen, klikt u naast de configuratienaam op Verwijderen.
- Als u een beheerde configuratie wilt bewerken, klikt u op de configuratienaam. Breng de wijzigingen aan en klik op Opslaan.
Runtime-rechten voor Android-apps instellen
Voordat u begint: Raadpleeg indien nodig informatie over hoe u de instelling toepast op een afdeling of groep.
Sommige Android-apps vragen de gebruiker om bepaalde rechten terwijl de app wordt uitgevoerd. Een app kan bijvoorbeeld toegang vragen tot de agenda of locatie van een apparaat. U kunt beheren hoe verzoeken voor rechten van individuele apps worden behandeld. Deze app-instellingen hebben voorrang op eventuele voorkeuren voor runtime-rechten die zijn opgegeven voor het apparaat.
-
Ga in de Google Beheerdersconsole naar Menu
Apps
Web- en mobiele apps.
Hiervoor is het beheerdersrecht Beheer van mobiele apparaten vereist.
- Klik op de app die u wilt beheren.
- Klik op Runtime-rechten. Als runtime-rechten niet worden ondersteund door de app, is deze optie niet beschikbaar.
-
(Optioneel) Als u wilt dat de instelling alleen geldt voor bepaalde gebruikers, selecteert u een organisatie-eenheid (vaak gebruikt voor afdelingen) of een configuratiegroep (geavanceerd).
Groepsinstellingen overschrijven instellingen voor organisatie-eenheden. Meer informatie
- Doe het volgende voor elk runtime-recht:
- Als u wilt dat het recht automatisch wordt toegestaan, klikt u op Toestaan.
- Als u wilt dat het recht automatisch wordt geweigerd, klikt u op Weigeren.
- Als u wilt dat gebruikers wordt gevraagd het recht toe te staan of te weigeren, klikt u op Vragen aan gebruiker.
-
Klik op Opslaan. U kunt ook op Overschrijven klikken voor een organisatie-eenheid.
Als u de overgenomen waarde later wilt herstellen, klikt u op Overnemen (of Niet ingesteld voor een groep).
App-instellingen bewerken
Voordat u begint: Raadpleeg indien nodig informatie over hoe u de instelling toepast op een afdeling of groep.
-
Ga in de Google Beheerdersconsole naar Menu
Apps
Web- en mobiele apps.
Hiervoor is het beheerdersrecht Beheer van mobiele apparaten vereist.
- Klik op de app die u wilt bewerken.
Tip: Als u alleen de apps wilt zien die aanstaan voor een specifieke organisatie-eenheid of groep, klikt u op Een filter toevoegen. - Klik op Instellingen.
-
(Optioneel) Als u wilt dat de instelling alleen geldt voor bepaalde gebruikers, selecteert u een organisatie-eenheid (vaak gebruikt voor afdelingen) of een configuratiegroep (geavanceerd).
Groepsinstellingen overschrijven instellingen voor organisatie-eenheden. Meer informatie
- Bewerk de instellingen. Welke instellingen er beschikbaar zijn, hangt af van uw platform en beheertype:
Android-apparaten:
- Toegangsmethode: Kies hoe gebruikers de app kunnen downloaden.
- Beschikbaar: Laat gebruikers de app zelf installeren. Gebruikers die de app niet nodig hebben, hoeven de app niet te downloaden. Gebruik deze optie als u een beheerde configuratie wilt toepassen voordat u een app afgedwongen installeert.
- Afgedwongen installeren: De app wordt automatisch geïnstalleerd op alle beheerde apparaten zonder dat gebruikers daar invloed op hebben. U kunt ook voorkomen dat gebruikers een afgedwongen geïnstalleerde app verwijderen. Afgedwongen installeren wordt ook ondersteund in mobiel beheer op basisniveau met Business Plus, Enterprise, G Suite Business en Cloud Identity Premium.
- Gebruikers toestaan widgets op het startscherm te zetten: Hiermee staat u gebruikers toe een snelkoppeling op het startscherm te maken als er een widget beschikbaar is.
- Gebruiken als altijd aan VPN-app: Vereist dat app-verkeer van een werkprofiel of beheerd apparaat door deze app wordt gestuurd. Deze instelling zorgt voor een veiligere netwerkverbinding voor verkeer uit werkprofielen. Android 7.0 of hoger vereist.
- Wachtwoordmanager voor Android 15 of hoger: Hiermee kunnen gebruikers de app gebruiken om wachtwoorden te beheren op apparaten met Android 15 en hoger. Ga naar Apps voor wachtwoordbeheer aan- of uitzetten voor Android voor meer informatie.
- Tijdstip van automatisch updaten voor app: Kies wanneer app-updates worden geïnstalleerd:
- Standaard: De app wordt automatisch geüpdatet als het apparaat verbinding heeft met een wifi-netwerk, wordt opgeladen, niet actief wordt gebruikt en de app niet op de voorgrond wordt uitgevoerd.
- Hoge prioriteit: Update de app zodra de ontwikkelaar een nieuwe versie publiceert en Google Play deze heeft beoordeeld. Als het apparaat op dat moment offline is, wordt de app onmiddellijk geüpdatet de volgende keer dat het apparaat verbinding maakt met internet.
- Uitstellen: Niet beschikbaar voor Business Standard, Education Fundamentals, Teaching and Learning Upgrade, G Suite Basic, G Suite Business of Cloud Identity Free. Stel app-updates 90 dagen uit nadat de update voor het eerst beschikbaar is. Na 90 dagen wordt automatisch de nieuwste beschikbare versie van de app geïnstalleerd. Ga naar App-updates ondersteunen voor meer informatie.
- Testtracks (optioneel): Niet beschikbaar voor Business Standard, Education Fundamentals, Teaching and Learning Upgrade, G Suite Basic, G Suite Business of Cloud Identity Free. Selecteer de pre-release testversies van de app die u beschikbaar wilt maken voor gebruikers. Als u meerdere tracks selecteert, wordt de hoogste versiecode beschikbaar. Ga naar Gesloten test: testers beheren per organisatie voor meer informatie over hoe u een app beschikbaar maakt voor organisaties.
iOS-apparaten:
- Hiervan een beheerde app maken: Zet deze instelling aan voor meer controle over de app en de gegevens daarin. Ga naar Hoe beheerde iOS-apps werken voor meer informatie.
- Deze app verwijderen als het configuratieprofiel wordt verwijderd: Zet deze instelling aan voor beheerde apps om de app automatisch te verwijderen als het beheerprofiel van de gebruiker wordt verwijderd van het apparaat. Als u deze instelling niet aanzet, blijven beheerde apps op het apparaat van een gebruiker staan.
Deze instelling is alleen van toepassing op apparaten onder apparaatinschrijving (waaronder apparaten die eigendom zijn van het bedrijf). Voor apparaten die worden vermeld onder Inschrijving door gebruikers worden alle beheerde apps en werkgegevens verwijderd als het configuratieprofiel wordt verwijderd. - Toestaan dat deze app werkgegevens krijgt via iOS Share Sheet: Zet deze instelling aan als u wilt dat de app werkgegevens kan krijgen, zelfs als het delen van gegevens met niet-Google Workspace-apps is beperkt. Ga naar Gegevensacties voor meer informatie.
Als u voor iOS-apps het vakje voor Hiervan een beheerde app maken uitvinkt, blijft de app beheerd op apparaten waarop deze al is geïnstalleerd. Gebruikers zien echter een rood uitroepteken bij de app in de app-lijst in de Google Apps Device Policy-app en kunnen instellen dat de app onbeheerd wordt.
- Toegangsmethode: Kies hoe gebruikers de app kunnen downloaden.
-
Klik op Opslaan. U kunt ook op Overschrijven klikken voor een organisatie-eenheid.
Als u de overgenomen waarde later wilt herstellen, klikt u op Overnemen (of Niet ingesteld voor een groep).
Android-gebruikers toestaan persoonsgegevens en werkgegevens samen in de app te bekijken
Voor apps die dit ondersteunen, kunt u gebruikers toestaan hun persoonsgegevens en werkgegevens te bekijken in een app. Als deze instelling bijvoorbeeld aanstaat voor Agenda, kunnen gebruikers ervoor kiezen hun persoonlijke agenda's te bekijken in hun werkprofiel. Omdat deze instelling communicatie tussen meerdere profielen (tussen persoonlijke ruimtes en werkruimtes) toestaat, moet deze alleen worden aangezet voor vertrouwde apps.
-
Ga in de Google Beheerdersconsole naar Menu
Apps
Web- en mobiele apps.
Hiervoor is het beheerdersrecht Beheer van mobiele apparaten vereist.
- Klik op de Android-app die u wilt updaten.
- Klik op Configuratie van gekoppelde apps.
- Klik links op de organisatie-eenheid of groep die u wilt toestaan of blokkeren.
- Vink het vakje aan om toe te staan dat gebruikers deze functie kunnen gebruiken.
- Klik op Opslaan.
Stap 3: De app-lijst beheren
Een app verwijderen
Als u een Android-app verwijdert van de lijst, kunnen gebruikers de app niet installeren via de Managed Google Play Store of het tabblad Werk-apps in de Play Store. Als een gebruiker de app al heeft geïnstalleerd, blijft de app op het apparaat staan, maar wordt deze niet meer beheerd. Als u gebruikers toestaat alle apps uit Google Play te installeren, kunnen ze de app nog steeds installeren, maar kunt u deze niet beheren.
Als u een iOS-app verwijdert van de lijst, kunnen gebruikers de app niet meer installeren via de Google Device Policy-app. Als een gebruiker de app al heeft geïnstalleerd en de app wordt beheerd, blijft de app op het apparaat staan als beheerd, totdat de gebruiker het Device Policy-profiel van het apparaat verwijdert. Andere gebruikers kunnen de app nog wel installeren vanuit de App Store, maar u kunt de app niet beheren.
-
Ga in de Google Beheerdersconsole naar Menu
Apps
Web- en mobiele apps.
Hiervoor is het beheerdersrecht Beheer van mobiele apparaten vereist.
- Je kunt een of meer apps tegelijk verwijderen:
- Als je één app wilt verwijderen, zoek je de app in de lijst en klik je op Meer
Verwijderen.
- Als u meerdere apps wilt verwijderen, vinkt u het vakje aan naast elke app. Klik bovenaan op Verwijderen.
- Als je één app wilt verwijderen, zoek je de app in de lijst en klik je op Meer
Android-apps in Managed Google Play organiseren in collecties
Stap 4: Apps op beheerde apparaten controleren
Nagaan hoe apps worden gedistribueerd
U kunt zien welke apps beschikbaar zijn voor een organisatie-eenheid of groep of welke organisatie-eenheden en groepen toegang hebben tot een specifieke mobiele app.
-
Ga in de Google Beheerdersconsole naar Menu
Apps
Web- en mobiele apps.
Hiervoor is het beheerdersrecht Beheer van mobiele apparaten vereist.
- Zo controleert u de apps waartoe een specifieke organisatie-eenheid of groep toegang heeft:
- Klik op Een filter toevoegen.
- Klik op Organisatie-eenheid of Groep.
- Selecteer de organisatie-eenheid of groep.
- Als u de distributie van een specifieke app wilt controleren, plaatst u de muisaanwijzer op de rij van de app en klikt u op Toegangsgegevens. Er wordt een venster geopend met de groepen en organisatie-eenheden en de toegangsstatus van de app.
Zien welke apps op een apparaat zijn geïnstalleerd
Voor iOS-apparaten is hiervoor geavanceerd mobiel beheer vereist
U kunt een lijst bekijken met alle beheerde apps die op het apparaat van een gebruiker zijn geïnstalleerd, met informatie over de versie:
-
Ga in de Google Beheerdersconsole naar Menu
Apparaten
Overzicht.
Hiervoor is het beheerdersrecht Instellingen voor gedeelde apparaten vereist.
- Klik op de kaart Mobiele apparaten.
- Klik op de rij van het apparaat waarvan u de gegevens wilt weergeven.
Tip: Als uw organisatie veel mobiele apparaten heeft, klikt u op Een filter toevoegen om de zoekopdracht te verfijnen. Ga naar Specifieke mobiele apparaten zoeken voor meer informatie. - Klik op Geïnstalleerde apps. In de tabel staat de app, de versie en de app-ID. Voor Android-apps ziet u ook de waarde van de SHA-256-hash.
Wijzigingen in apps controleren en logboekgebeurtenisgegevens exporteren (alleen geavanceerd beheer)
Opmerking: Zet app-controle aan om apps te controleren op persoonlijke Android-apparaten zonder werkprofiel.
Filter het Gebeurtenissen in het apparaatlogboek op Naam gebeurtenis Wijziging aan apparaat-app. U kunt de lijst verder filteren op onder andere specifieke apparaattypen, wijzigingsgebeurtenissen voor apparaat-apps en app-pakketnaam.
Nadat u het filter heeft gemaakt, kunt u de gegevens van zoekresultaten exporteren.
App-controle automatiseren met regels (alleen geavanceerd beheer)
Zie Mobiele beheertaken automatiseren met regels voor instructies.
Reageren op beveiligingsincidenten met apps
Als het account van een gebruiker kan worden gehackt via een app (omdat het apparaat is kwijtgeraakt of gestolen) of als u een schadelijke app ontdekt op de apparaten van gebruikers, kunt u verschillende acties uitvoeren.
Doe het volgende om ongeautoriseerde toegang te voorkomen:
- Een gebruiker uitloggen van een beheerd Google-account.
- Een apparaat blokkeren (geavanceerd mobiel beheer vereist)
- Een Android-apparaat dat eigendom is van het bedrijf vergrendelen en het wachtwoord resetten.
Als u de toegang van een app tot Google-services wilt blokkeren, stelt u in App-toegangsbeheer de app in als beperkt of geblokkeerd. Ga naar Een nieuwe app toevoegen voor meer informatie.
Google, Google Workspace en gerelateerde merken en logo's zijn handelsmerken van Google LLC. Alle andere bedrijfs- en productnamen zijn handelsmerken van de bedrijven waarmee ze in verband worden gebracht.